Mijn kind wil niet naar de andere ouder
Wat het gedrag van jullie kind je vertelt
Kinderen communiceren via gedrag. Een kind dat weigert naar de andere ouder te gaan, zegt daarmee iets. Maar wat precies, dat is niet altijd meteen duidelijk. Soms is er een concrete reden, zoals iets wat er bij de andere ouder is gebeurd. Soms is het verlatingsangst of onzekerheid over de nieuwe situatie.
Een kind van vijf dat elke zondag begint te huilen als papa of mama voor de deur staat, reageert vaak op de spanning die het voelt bij de overdracht. Het kind voelt dat de overdracht beladen is. Het pikt de onuitgesproken spanning tussen de ouders op en vertaalt die naar gedrag.
Dat betekent niet dat het kind gelijk heeft of ongelijk. Het betekent dat er iets speelt wat aandacht nodig heeft. Het gedrag is een signaal, geen eindoordeel.
Onderscheid tussen weerstand en een serieus probleem
Niet elke weerstand is hetzelfde. Het is belangrijk om onderscheid te maken tussen twee situaties. In de eerste situatie past het kind zich aan een nieuwe leefomgeving aan en ervaart het daarin wrijving. In de tweede situatie is er sprake van iets ernstiger, zoals een onveilige situatie of langdurige stress bij de andere ouder.
Bij het eerste geval is geruststellend gedrag van beide ouders vaak al voldoende. Zeg als ouder niet: "Als je echt niet wil, hoef je niet." Dat geeft het kind een verantwoordelijkheid die het niet hoort te dragen. Zeg liever: "Ik begrijp dat je het moeilijk vindt. Je gaat wel, en ik ben er als je terug bent."
Bij het tweede geval is professionele begeleiding nodig. Vertrouw op je gevoel als ouder, maar zorg ook voor objectieve ogen van buitenaf. Ik begeleid als familie mediator al 22 jaar gezinnen in scheiding en zie dit onderscheid regelmatig terug in mijn praktijk.
Wat je als ouder beter kunt vermijden
In de praktijk zie ik een aantal patronen die de situatie onbedoeld verergeren. Ik noem ze hier niet om te oordelen, maar omdat het herkenbare valkuilen zijn in een emotioneel zware periode.
Praat niet negatief over de andere ouder in het bijzijn van het kind. Zelfs subtiele opmerkingen komen hard aan bij kinderen. Ze voelen zich dan verscheurd tussen twee mensen van wie ze houden. Een kind van negen zei mij eens: "Als ik bij mama ben en papa bel, kijk ik altijd eerst of mama niet in de kamer is." Dat zegt genoeg.
Vraag het kind ook niet om verslag te doen van wat er bij de andere ouder is gezegd of gebeurd. Kinderen zijn geen boodschappers. Ze worden onzeker als ze het gevoel krijgen dat ze moeten kiezen of informatie moeten doorgeven.
Het ouderschapsplan als houvast
Een goed ouderschapsplan helpt niet alleen de ouders, maar ook het kind. Het maakt duidelijk wat er wanneer gebeurt, wie waarvoor verantwoordelijk is en hoe jullie als ouders communiceren. Die duidelijkheid geeft kinderen rust.
Als het ouderschapsplan er al is maar de afspraken botsen in de praktijk, dan is het tijd om dat plan te herzien. Niet als strijd, maar als bijstelling. Misschien past de huidige verdeling niet meer bij de leeftijd van het kind. Misschien zijn de werktijden van een van de ouders veranderd. Misschien heeft het kind zelf andere behoeften gekregen.
Bij Het Scheidingscollectief begeleid ik ouders bij het maken of aanpassen van afspraken die echt werken. Niet alleen op papier, maar ook in de dagelijkse praktijk. Samen kijken we wat haalbaar is en wat jullie kind op dit moment nodig heeft.
Wanneer het kind zelf gehoord wil worden
Oudere kinderen, zeker vanaf een jaar of twaalf, hebben soms een duidelijke eigen mening over waar ze willen wonen of hoe de tijd verdeeld is. Dat is begrijpelijk en het verdient serieuze aandacht. Tegelijkertijd is het niet aan het kind om die beslissing te nemen.
Een meisje van dertien vertelde me dat ze voortdurend het gevoel had dat ze moest uitleggen waarom ze bij de ene ouder meer tijd wilde doorbrengen. Ze voelde zich schuldig tegenover de andere ouder. Dat loyaliteitsconflict is een van de zwaarste dingen die kinderen in een scheiding meemaken.
Als ouder kun je erkennen wat je kind voelt zonder die beslissing volledig bij het kind neer te leggen. Zeg: "Ik hoor wat jij wilt. Wij gaan als ouders kijken wat het beste is." Dat geeft het kind ruimte zonder de verantwoordelijkheid op zijn of haar schouders te leggen.
Het KIES-programma als ondersteuning voor jullie kind
Soms heeft een kind meer nodig dan wat ouders thuis kunnen bieden. Niet omdat die ouders het fout doen, maar omdat een kind behoefte heeft aan een eigen plek om zijn gevoelens te uiten.
Het KIES-programma biedt kinderen precies dat. In kleine groepjes praten kinderen met leeftijdsgenoten over wat ze meemaken. Ze leren dat ze niet de enige zijn en krijgen handvatten om met de situatie om te gaan. Het is geen therapie, maar een laagdrempelige en bewezen aanpak.
Ik ben opgeleid als KIES-coach en zet die kennis in bij de begeleiding van gezinnen in scheiding. Als jullie kind moeite heeft met de overgang tussen twee huizen, kan het KIES-programma een waardevolle stap zijn.
Naast het programma zelf is het ook zinvol om de school te informeren. Een leerkracht die weet wat er thuis speelt, kan eerder signaleren als het minder goed gaat en het kind extra aandacht geven als dat nodig is.
Samen zoeken naar een werkbare oplossing
Een kind dat niet wil gaan, is zelden een probleem van het kind alleen. Het is een signaal dat de situatie tussen de ouders, de afspraken of de overdracht opnieuw bekeken moet worden. Dat is geen falen. Het is een aanleiding om stap voor stap te kijken wat er anders kan.
Mediation biedt daarvoor de ruimte. Geen rechtszaal, geen strijd, maar een gesprek aan tafel waarbij ik als onpartijdige begeleider meedenk. Ik werk toekomstgericht en houd altijd het belang van het kind centraal. Dat is niet een mooie zin, dat is de kern van wat ik doe.
Het Scheidingscollectief heeft kantoor in Vught, aan de Taalstraat, direct aan de snelwegafslag met gratis parkeergelegenheid voor de deur. Ik werk in de regio 's-Hertogenbosch, Tilburg, Eindhoven en de Bommelerwaard. Er is ook een wekelijks avondspreekuur voor wie overdag moeilijk kan.
Neem contact op voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek. Dan kijken we rustig samen naar jullie situatie en wat jullie kind op dit moment nodig heeft.
Veelgestelde vragen over mijn kind wil niet naar de andere ouder
Mag ik mijn kind thuis houden als het echt niet wil gaan?
In principe gelden de afspraken in het ouderschapsplan. Als een kind weigert, is het als ouder niet de bedoeling om die weigering zomaar te volgen. Dat geeft het kind de indruk dat het zelf over de omgangsregeling kan beslissen. Bij structurele weerstand is het verstandig om samen met de andere ouder en eventueel een mediator te kijken wat er achter die weerstand zit.
Wat als mijn kind vertelt dat het zich onveilig voelt bij de andere ouder?
Neem dat altijd serieus. Luister rustig, stel open vragen en oordeel niet direct. Als er concrete signalen zijn van onveiligheid, kun je contact opnemen met het Centrum voor Jeugd en Gezin of Veilig Thuis. Een mediator kan in zo'n situatie adviseren over vervolgstappen, maar de veiligheid van het kind staat altijd op de eerste plaats.
Hoe praat ik met mijn kind over de omgangsregeling zonder de andere ouder negatief neer te zetten?
Houd het gesprek gericht op het kind en zijn of haar gevoelens. Vraag hoe het kind de situatie beleeft, niet wat er bij de andere ouder is gezegd of gebeurd. Gebruik neutrale taal en bevestig dat beide ouders van het kind houden. Als het gesprek steeds lastig verloopt, kan een KIES-coach of gezinstherapeut helpen om die communicatie te verbeteren.

Opmerkingen